Terug naar hoofdpagina
Fysiologie & Quiz

Interactief hemodynamica-model

Schuif aan EF, HR, preload, SVR en zie direct het effect op drukken en flows. Oefen met behandelmodaliteiten en test je inzicht met de diagnose-quiz.

Hoe werkt het?

1. Kies een klinisch scenario (links, boven) Begin met een scenario: Normaal, Linker HF (HFrEF), HFpEF, Rechts-HF, Biventriculair HF, Pulmonale hypertensie, Cardiogene shock. De drukken worden getoond die bij het gekozen scenario passen.
2. Pas medicatie toe (links, onder) Kies één of meer behandelingen — vulling, furosemide, nitroglycerine, dopamine, dobutamine, Perfan, noradrenaline, adrenaline. Zie direct hoe drukken en het hart-diagram reageren.
3. Test je inzicht met de quiz (rechts) Druk op "Volgende vraag" en herken het hemodynamische patroon op basis van de huidige metingen. Raad de diagnose en krijg direct feedback met toelichting.
4. Fijnafstelling met sliders (optioneel) Wil je dieper experimenteren? Klik "sliders tonen" en verander handmatig EF, HR, preload, SVR of PVR buiten de scenario's om.

Interactief hemodynamica-model

EF · HR · preload · weerstanden · inotropica & vasopressoren · quiz
Quizscore: 0 / 0

Intrinsieke fysiologie

Afgeleide CO-keten

LVEDV120 mL
SV = EF × LVEDV72 mL
CO = SV × HR5.0 L/min

Klinische scenario's

LONGEN PVR = 100 PA (SPAP/DPAP) 23/10 RV (sys/dias) 23/3 RA (CVP) 3 LA (PCWP) 8 LV (sys/dias) 120/8 Aorta (RR) 111/71 LICHAAM SVR = 1300 · MAP = 84 mmHg VCI/VCS tricuspidalisklep pulmonalisklep pulm. venen mitralisklep aortaklep Aorta LVEDD 48 mm LVEDP 8 mmHg Pericard 0 mmHg CO (L/min) 5.0 SV 72 · HR 70
Normale hemodynamiek. Flow: VCI/VCS → RA → RV → PA → longen → LA → LV → aorta → lichaam. Drukken nemen toe op elk pompcompartiment. MAP wordt gedreven door CO × SVR; PAP door CO × PVR + LA-druk.
MAP
RR (sys/dias)
SPAP / DPAP / mPAP
TPG (mPAP-LA)
RVP (sys/dias)
RA / CVP
LA (PCWP)
LVEDP / LVEDD

Behandelmodaliteiten

Quiz — diagnose raden

Druk op "Volgende vraag" om te starten.

Referentiewaarden

EF: ≥55% · HR: 60–100
LVEDV: 80–150 mL · SV: 60–100 mL
CO: 4–8 L/min · CI: 2.5–4.0
RA/CVP: 2–6 · RV: 15–30/2–8
PAP: 15–30/8–15 (mPAP<20)
PCWP/LA: 6–12 · LV: 100–140/3–12
MAP: 70–100 · SVR: 800–1400
PVR: <200 (<2 WU) · TPG: ≤12
LVEDD: ♂ <58 mm, ♀ <52 mm

Casus

Geen casus geladen

Klik op "Nieuwe casus" rechts om een scenario te laden.

Diagnostiek

Vink diagnostiek aan om bevindingen te zien. Swan-Ganz ontgrendelt CVP/PAP/PCWP-curves.
ECG · /min
ABP
SpO₂ pleth
Ademhaling
CVP
PAP
PCWP
Klinische simulator. Toont een patiënt met reële ABP- en ECG-tracings. Vink diagnostiek aan om je verdenking aan te scherpen; dan gericht therapie starten en kijken wat er met de curves gebeurt. Let op ademhalingsvariatie (pulsus paradoxus, Kussmaul).

Therapie (IV)

Specifieke interventies

Casus

Compensatie bij dalende EF

Het verhaal: de LV-contractiliteit daalt. SV valt weg → MAP zakt → het lichaam compenseert in twee golven. Klik de stappen hieronder door.

HF-medicatie starten

Hemodynamische gevolgen

Frank-Starling-curve: verband tussen vuldruk (LVEDP, x-as) en slagvolume (SV, y-as). Blauw = normale curve (referentie). Geel = curve bij huidige EF. Groen = curve mét sympathische boost. De rode stip is het werkpunt. RAAS schuift het punt naar rechts, sympathisch tilt de curve omhoog.
Druk-volumeloops van de linker ventrikel. Blauw = normaal (referentie); geel = geselecteerde pathologie; groen = met gekozen therapie. ESPVR (eind-systolische druk-volume relatie) geeft contractiliteit; EDPVR (eind-diastolische) geeft compliantie.

Pathologie

Therapie (groen)

Normale LV-loop. EDV ≈120 mL, ESV ≈50 mL, SV 70 mL, EF 58%. Ejectiedruk ≈90/10.